Hoe kun je als professional vanuit verschillende perspectieven werken aan een gezonde leefomgeving? En hoe doe je dit samen met de inwoners zelf? De afgelopen jaren ontwikkelden ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) en het RIVM hiervoor concrete handvatten: wat werkt, hoe pak je het aan en met wie? Tijdens de conferentie ‘Gezonde leefomgeving: van inzicht naar actie’ op 28 januari 2026 brachten professionals samen de inzichten in de praktijk.

Een gezonde leefomgeving maak je samen

Van ontwerpnota tot wijkcoöperatie: we zien op allerlei plekken mensen zich bewegen richting een gezonde leefomgeving. Bewoners die eigenaar zijn van hun leefomgeving. Ontwerpers die gezondheid meenemen als uitgangspunt. Gemeenten en provincies die gezondheid steviger verankeren in hun plannen, ambities, ruimtelijke afwegingen. Tijdens de conferentie werd één ding glashelder: een gezonde leefomgeving maak je samen. Het advies: Ga gewoon beginnen. Ga om tafel. Met alle disciplines, alle partners, bewoners. En gebruik de gedeelde hulpmiddelen, inzichten en voorbeelden. Er is al zoveel kennis die je mee kan nemen. De gezonde leefomgeving blijft een complexe puzzel, maar de stukken liggen nu beter geordend op tafel.

Leefomgeving als samenspel: fysieke en sociale factoren

Een gezonde leefomgeving is een leefomgeving die de gezondheid van mensen beschermt, gezondheid bevordert en mensen faciliteert om een gezond leven te leiden. Met ruimte om te bewegen en spelen, plekken om elkaar te ontmoeten, voldoende groen, een gezonde voedselomgeving en bescherming tegen hittestress en andere risico’s. 

In de leefomgeving komen belangen samen. Je ziet dit ook terug in bijvoorbeeld de Ontwerpnota Ruimte, het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord, het Gezond en Actief Leven Akkoord en de Landelijke nota gezondheidsbeleid. Om gezondheid volwaardig mee te nemen bij het inrichten van onze openbare ruimte is dus belangrijk om professionals uit het fysieke, sociale én gezondheidsdomein samen te brengen. Denk aan gemeenteambtenaren, GGD’ers, bewonersinitiatieven, adviesbureaus, woningcorporaties, projectontwikkelaars, et cetera. De opbrengsten uit het brede programma Gezonde Leefomgeving van ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) en het RIVM ondersteunen hierbij in de praktijk. Tijdens de conferentie werden de opbrengsten van het programma gedeeld en was er volop uitwisseling met en tussen gemeenten, GGD’en en andere partijen zoals adviesbureaus, projectontwikkelaars en coöperaties. Er werd kennis gedeeld, ervaringen uitgewisseld en inspiratie opgedaan voor hun eigen wijk, gemeente of regio. 

Met de kennis en tools die nu beschikbaar zijn, kunnen we gezondheid veel beter verankeren in ruimtelijke keuzes. De GGD speelt daarin een sleutelrol, dicht bij bewoners en als verbinder tussen domeinen.

—Bas Derks, MT-lid bij Publieke Gezondheid bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Tijdens de conferentie overhandigden Mariëlle Snijders (directeur programma’s bij ZonMw) en René van der Ent (hoofd centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid bij RIVM) de opbrengsten van PGLO aan Bas Derks (MT-lid bij Publieke Gezondheid bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). In zijn openingswoord benadrukte Derks dat dit niet het eindpunt is maar een startpunt om samen te werken aan gezondheid in de leefomgeving. ‘We staan voor een enorme puzzel: weinig ruimte en veel opgaven. De Ontwerpnota Ruimte dwingt ons om opnieuw samen vooruit te kijken: hoe willen we dat onze leefomgeving eruitziet? Als we gezondheid als vertrekpunt nemen, kunnen we meerdere ruimtelijke opgaven tegelijk aanpakken. Met de kennis en tools die nu beschikbaar zijn, kunnen we gezondheid stevig verankeren in ruimtelijke keuzes. De GGD speelt daarin een sleutelrol: dicht bij bewoners en als verbinder tussen domeinen.” 

Binnen ons subsidieprogramma Gezonde Leefomgeving Integrale Aanpak hebben we bewust ingezet op samen doen. Gemeenten en GGD’en die samen kennis ontwikkelen, beschikbaar maken en toepassen in de praktijk.

—Mariëlle Snijders, ZonMW

‘Een gezonde leefomgeving lijkt misschien een eenvoudig onderwerp’, benadrukte Mariëlle Snijders (ZonMw). ‘Maar in de praktijk vraagt het om brede samenwerking en een integrale aanpak. Binnen dit programma heeft ZonMw bewust ingezet op samen doen: onderzoekers die met gemeenten, GGD’en en bewoners kennis ontwikkelen, beschikbaar maken en toepassen in de praktijk. Die inzichten en voorbeelden zijn nu gebundeld in onze kennisbundel ‘Samen werken aan een gezonde leefomgeving’. Onze oproep: benut deze kennis, deel dit met anderen en blijf gezondheid hoog op de agenda zetten.’ Ook volgens René van der Ent (RIVM) zit de kracht van dit programma in de verbinding tussen wetenschappelijke kennis en praktijkervaringen. ‘Samen met kennispartners en netwerken heeft het RIVM onderbouwde inzichten vertaald naar concrete hulpmiddelen, zoals indicatoren, kaarten en vuistregels. Daarmee zetten we de puntjes op de i voor de Ontwerpnota Ruimte: van ontwerp naar uitvoering. Investeren in een gezonde leefomgeving levert maatschappelijke baten op.’

Opbrengsten uit de praktijk: leren door te doen

Binnen het Programma Gezonde Leefomgeving, zorgde ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) voor het subsidieprogramma Gezonde Leefomgeving Integrale Aanpak (GLIA). Met deze subsidie werkten gemeenten en GGD’en samen met onderzoekers en bewoners in meer dan 50 projecten aan een gezonde leefomgeving en leverden zij praktische instrumenten en geleerde lessen op. 

De opbrengsten uit deze projecten in het land laten zien hoe het werken aan een gezonde leefomgeving er in de dagelijkse praktijk uit kan zien: domeinoverstijgend, samen met bewoners en gekoppeld aan inhoudelijke thema’s als ontmoeten, bewegen, groen, hitte en een gezonde voedselomgeving. In bijna alle projecten werkten het fysieke, sociale en gezondheidsdomein aan concrete gebiedsopgaven. 

Tijdens de conferentie deelde ZonMw de opbrengsten uit GLIA. ‘Door te investeren in onderzoeksprojecten en te experimenten in de praktijk dragen we bij aan een lerend netwerk van professionals die elkaar versterken’, zegt betrokken programmamanager Lonneke Frantzen. ‘Bestuurders kunnen dit volgens deelnemers van de conferentie ondersteunen door een langetermijnvisie te ontwikkelen, domeinen slim te koppelen en duidelijke kaders en budgetten beschikbaar te stellen voor de uitvoering.’ Ook projectleiders en andere betrokkenen deelden via workshops, pitches en posters hun praktijkervaring, praktische instrumenten en geleerde lessen. ‘We merkten dat we elkaar pas echt gingen begrijpen toen we samen naar dezelfde wijk keken’, vertelt een van de projectleiders. ‘Niet alleen vanuit onze eigen beleidsdoelen, maar vanuit de vraag: wat heeft deze buurt nodig om gezonder te worden?’ 

We merkten dat we elkaar pas echt gingen begrijpen toen we samen naar dezelfde wijk keken. Niet alleen vanuit onze eigen beleidsdoelen, maar vanuit de vraag: wat heeft deze buurt nodig om gezonder te worden?

—Deelnemer aan een workshop

Bewoners werden in veel gemeenten actief betrokken bij het ontwerp en de uitvoering. Dat leverde niet alleen betere plannen op, maar ook meer draagvlak. In de Rotterdamse Afrikaanderwijk bijvoorbeeld, daar liet de wijkcoöperatie zien hoe bewoners zelf verantwoordelijkheid namen voor afval, groen en ontmoetingsplekken. ‘De kennis en experts zitten in de wijk’, benadrukt Mustapha Eaisaouiyen van de wijkcoöperatie. ‘Bewoners weten waar het echt knelt. Dat moet je serieus nemen. Zij zijn de kenners, makers en eigenaar van hun leefomgeving.’ In Utrecht werd in een nieuwbouwwijk bewust ingezet op ontmoeting: tijdelijke bankjes, buurtactiviteiten en gezamenlijke tuinen hielpen bewoners elkaar te leren kennen nog vóórdat de wijk helemaal af was. ‘Stenen maken nog geen buurt. Maar met kleine ingrepen kun je wel het begin maken’, aldus een workshopleider.

 

 

Tijdens workshops op de conferentie gebruikten deelnemers deze voorbeelden uit ZonMw-projecten om in gesprek te gaan over herkenbare dilemma’s, zoals het combineren van woningbouw met ruimte voor groen of het afwegen van korte- en langetermijnbelangen. ‘Het is waardevol om te horen hoe anderen dit aanpakken’, volgens een deelnemer. ‘Je ziet dat je niet de enige bent die hiermee worstelt, en je krijgt ideeën die je meteen kunt toepassen.’ De voorbeelden uit de projecten maken duidelijk dat een gezonde leefomgeving geen losse opgave is. Het vraagt om een integrale aanpak waarin gezondheid wordt verbonden met ruimtelijke kwaliteit, klimaat en sociale vraagstukken. De opbrengsten van de meer dan 50 ZonMw-projecten zijn samengebracht in deze kennisbundel. Het zijn praktische instrumenten en geleerde lessen, voor en door gemeenten en GGD’en.

 

Bekijk de kennisbundel

 

Indicatoren en handreikingen: van inzicht naar handelen

Tijdens de conferentie liet het RIVM zien welke praktische tools binnen het brede Programma Gezonde Leefomgeving zijn ontwikkeld: onder meer een basisset indicatoren, vuistregels, een toolbox, online cursus en een handreiking om samen te werken aan een gezonde leefomgeving. Samen ondersteunen deze instrumenten een manier van werken waarbij gezondheid niet achteraf wordt toegevoegd, maar vooraf richting geeft aan ruimtelijke keuzes.

 

 

Wie gezondheid als uitgangspunt wil nemen, heeft inzicht nodig in de kwaliteit van de leefomgeving. De basisset indicatoren brengt verschillende aspecten samen, zoals luchtkwaliteit, geluid, hittestress, groen, beweegruimte en sociale kenmerken. De indicatoren leveren geen norm of eindscore op, maar maken zichtbaar hoe omgevingsfactoren zich in een wijk of buurt opstapelen. Op basis van deze indicatoren kan een gebiedsprofiel worden opgesteld, aangevuld met lokale inzichten en bevindingen. Zo ontstaat een samenhangend beeld van de gezondheidssituatie en leefomgevingskwaliteit van een specifiek gebied. In de praktijk blijken deze profielen vooral waardevol als brug tussen domeinen. ‘Het helpt om niet alleen te zeggen dát een gebied aandacht nodig heeft, maar ook waarom’, legt het RIVM uit. ‘Dat maakt het gesprek met ruimtelijke collega’s concreter en inhoudelijker.’

Het helpt om niet alleen te zeggen dát een gebied aandacht nodig heeft, maar ook wáárom.

—Workshopleider RIVM

Bekijk de Basisset Indictoren

 

Waar indicatoren laten zien waar actie nodig is, helpen de vuistregels en andere handvatten bij de vraag wat je ruimtelijk kunt doen. Ze vertalen wetenschappelijke kennis naar toepasbare richtlijnen, bijvoorbeeld over bereikbaarheid van voorzieningen, de hoeveelheid en kwaliteit van groen en de inrichting van openbare ruimte die beweging en ontmoeting stimuleert. De nadruk ligt op samenhang: niet losse ingrepen, maar een doordachte inrichting waarin functies elkaar versterken.

Bekijk de Vuistregels

 

Tijdens een workshop op de conferentie verkenden deelnemers deze instrumenten en andere praktijkvoorbeelden die zijn gebundeld in de toolbox Gezonde Leefomgeving. Aan de hand van hun eigen casus zochten deelnemers, vanuit verschillende domeinen, naar koppelkansen tussen gezondheid en andere opgaven zoals wonen, klimaat en mobiliteit. ‘De toolbox helpt om het gesprek met collega’s uit andere domeinen te voeren op basis van gedeelde inzichten en goede voorbeelden’, aldus een deelnemer. Veel resultaten uit de ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie)-projecten van dit programma zijn ook terug te vinden in deze toolbox.

Bekijk de Toolbox

 

Tegelijk leeft de vraag hoe deze hulpmiddelen daadwerkelijk in de praktijk worden gebruikt. Alle workshopleiders riepen professionals daarom op hun rol als ambassadeur te pakken: ‘Werk samen, over domeinen en disciplines heen, met netwerken en koepels, en doe dat altijd samen met bewoners.’ Hoe die samenwerking eruit kan zien ontdekten deelnemers in een workshop over de handreiking ‘Samen werken aan een gezonde leefomgeving’. Met de ‘woordenboekoefening’ leerden zij hoe verschillende vakgebieden hun eigen jargon gebruiken, en hoe je samen tot heldere communicatie komt. Ook kregen zij inzicht in de ‘train-de-trainer-aanpak’, waarmee de opgedane kennis verder kan worden verspreid binnen de eigen organisatie. ‘Je merkt dat iedereen met hetzelfde doel bezig is’, aldus de workshopleider vanuit het RIVM. ‘Maar soms vanuit een andere taal. Dankzij deze handreiking leren we elkaar een beetje beter verstaan.’

Je merkt dat iedereen met hetzelfde doel bezig is. Maar soms vanuit een andere taal. Dankzij deze handreiking leren we elkaar een beetje beter verstaan.

—Workshopleider RIVM

Bekijk de Handreiking

 

De conferentie als versneller

Tijdens de conferentie leerden professionals uit het fysieke, sociale en gezondheidsdomein elkaars perspectieven beter kennen en deden zij inzichten op om in hun eigen wijk, gemeente of regio te werken aan een gezonde(re) leefomgeving. Bij binnenkomst bogen de deelnemers zich al over kaarten, infographics en wijkfoto’s. Op posters stonden praktijkvoorbeelden van uiteenlopende gemeenten en regio’s. Ze laten zien hoe thema’s als vergroening, hittestress, bewegen en ontmoeten lokaal vorm krijgen. Bij de stands van ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) en het RIVM werden de kennisproducten en hulpmiddelen uitgereikt, zoals een kennisbundel, de vuistregels en handvatten, een toolbox en een vouwplaat met daarop de kansen die de gezonde leefomgeving biedt en de producten van het Programma Gezonde Leefomgeving kort samengevat. ‘Dit alles voelt als een snoepwinkel van ideeën, voorbeelden en tools’, aldus een beleidsadviseur van een middelgrote gemeente die langs de stands liep. ‘Je ziet hier niet alleen theorie, maar ook hoe anderen ermee werken.’

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Foto 4

Foto 5

Foto 6

Meer weten?

Het brede Programma Gezonde Leefomgeving was een samenwerking tussen RIVM en ZonMw Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie), in opdracht van het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). Vanuit dit programma werd nieuwe (praktijk)kennis ontwikkeld om met bewoners en over domeinen heen samen te werken aan de gezonde leefomgeving. De opbrengsten uit dit programma helpen professionals bij het integraal meenemen van gezondheid in het ontwerp, de inrichting en het beheer van onze leefomgeving.